24 mei 2011

Chambre politique

Wat betekent de nieuwe Senaat voor Haagse belangenbehartiging?

Ooit, in tijden dat de Nederlandse politiek een hoge graad van voorspelbaarheid kende, heette de Eerste Kamer chambre de rÚflexion. De oude vergaderzaal van de Staten van Holland was een tempel van wijsheid en bezinning. Op loopafstand van de thermiek van de ‘overkant’, de Tweede Kamer waar het politieke straatgevecht plaatshad, dachten Eerste Kamerleden na over zin en onzin van daar bedachte wetgeving. Als het hen al te gortig werd, stuurden de Senatoren wetten terug naar de Tweede Kamer om de onbezonnenheid te heroverwegen.
Maar de politiek van vroeger is niet meer. In de Tweede Kamer leunt het minderheidskabinet van VVD en CDA op de gedoogsteun van de PVV. Als onderwerpen buiten het gedoogakkoord met de PVV vallen, zoekt de coalitie steun bij oppositiepartijen. Het heeft de politiek onvoorspelbaarder en verrassender gemaakt. Alle partijen zoeken nog naar hun rol in de nieuwe constellatie.

Status quo

De nieuwe politieke mores slaan nu over naar de Senaat. Bij de Eerste Kamerverkiezingen op 23 mei haalden VVD, CDA en gedoogpartner PVV met 37 zetels net geen meerderheid. De coalitie rekent nu op de steun van de orthodox-christelijke SGP om wetgeving door de Senaat te loodsen. Maar in feite is de situatie nu even flu´de als aan ‘de overkant’. Als de SGP tegen is, of de PVV bij onderwerpen die buiten de gedoogafspraken vallen, zullen premier Rutte en zijn ministers andere partijen voor hun standpunten moeten zien te winnen. En zolang oppositiepartijen de inhoudelijke beoordeling van voorstellen laten prevaleren boven de politieke aandrift om het kabinet te laten vallen, kan dit voor langere tijd de politieke status quo worden.
Wat betekent dit nu voor bedrijven en organisaties die in de politieke arena hun belangen willen bevorderen? Wat kunnen zij doen om hun belang tot beleid te verheffen? Het is nog vroeg dag voor een oordeel, een half jaar na het aantreden van het minderheidskabinet. Maar nu al is duidelijk dat in het systeem van wisselende meerderheden in de Tweede Kamer de kansen op be´nvloeding van beleid en wetgeving zijn toegenomen. Het regeer- en gedoogakkoord leggen weliswaar een aantal afspraken vast, maar er is een hoop vrije ruimte.
Die zal de komende jaren alleen maar groeien, want er komen kwesties op die bij het opstellen van het regeer- en gedoogakkoord niet te voorzien waren. De uitkomst van politieke besluitvorming wordt dus steeds ongewisser.
Kamerleden zijn op zoek naar goede argumenten, niet alleen om het kabinet te bestrijden, maar ook om coalities te smeden met partijen die ze officieel als hun tegenstander zien. Het benutten van die vrije ruimte biedt mogelijkheden voor de lobby van bedrijven en organisaties die ‘Den Haag’ willen overtuigen.

Coalities

Deze nieuwe werkwijze zal ook - op bescheidener schaal, want het is part-time politics in de Senaat – aan de overkant meer en meer zichtbaar worden. Het zal veel van de strategische en tactische vaardigheden van politieke leiders vergen om kabinetsvoorstellen door de Senaat te loodsen. Ook hier zullen wisselende coalities op wisselende onderwerpen het beeld bepalen. Die coalities zullen op hetzelfde onderwerp soms zelfs verschillen van die in de Tweede Kamer.
Eerder dan voorheen komt de vraag aan de orde hoe een onderwerp in de Eerste Kamer ‘gaat vallen’. Ambtelijke adviseurs en ministers moeten hier vroeg in de beleidsvoorbereiding rekening mee houden. Het is dus voor bedrijven en organisaties zaak bij hun belangenbehartiging vroegtijdig op deze nieuwe dynamiek in te spelen. De houding: ‘het komt wel goed’ in de Eerste Kamer als de Tweede Kamer met wetgeving akkoord is, gaat in de nieuwe politieke verhoudingen niet op. De lobby houdt niet op als de Tweede Kamer vˇˇr heeft gestemd.
Het was altijd al riskant in Den Haag om ervan uit te gaan dat ‘de race gelopen is’. Dat wordt in de nieuwe verhoudingen alleen maar riskanter. Nederland heeft er een chambre politique bij.